previous arrow
next arrow

De Oostenrijkse Successie Oorlog

De Oostenrijkse Successieoorlog duurde van 1740 tot 1748. De oorlog begon nadat keizer Karel VI in 1740 overleed. Hij had geen zoon en wilde dat zijn dochter Maria Theresia zijn gebieden zou erven. Dit had hij geregeld met de Pragmatieke Sanctie.

Andere Europese landen waren het hier niet mee eens en wilden delen van de Oostenrijkse gebieden veroveren. Vooral Pruisen, onder leiding van Frederik de Grote, maakte gebruik van de situatie. In 1740 viel Pruisen Silezië binnen, een rijk gebied dat bij Oostenrijk hoorde.

Daarna raakten steeds meer Europese landen bij de oorlog betrokken. Frankrijk, Spanje en Beieren vochten onder andere tegen Oostenrijk. Groot-Brittannië en de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden steunden juist Oostenrijk.

 

De Oostzee en de Nederlandse handel

De oorlog had ook gevolgen voor de handel over zee. Nederlandse schippers voeren voor hun handel naar verschillende gebieden, waaronder de Oostzee. De Oostzee was belangrijk voor de handel in bijvoorbeeld graan, hout en andere grondstoffen.

Omdat er oorlog was, konden Nederlandse handelsschepen worden aangehouden door oorlogsschepen. De Nederlandse Republiek wilde daarom duidelijk maken dat haar schepen neutraal waren.

Daarom kregen schippers een scheepsbrief mee. (transcriptie van het orgineel). Het orgineel vindt u bij Cornelis Aaltjes de Boer hieronder.

De scheepsbrief was een officieel bewijs dat de schipper uit de Republiek kwam en dat hij vreedzaam handel dreef. Op de brief uit 1745 staat bijvoorbeeld dat de schipper een betrouwbare burger is en dat men hem vrij moest laten passeren.       

Corneliss Aaltjes de Boer voer met zijn Fluitschip  'Geertruida en Maria' naar de Oostzee en kreeg een  de scheepsbrief mee.

 

De scheepsbrief

De scheepsbrief is afkomstig uit Oosterschelling (Terschelling) en is gedateerd op 23 februari 1745.

De burgemeester en regeerders verklaren hierin dat de schipper:

  • een burger van de Republiek is;

  • met zijn schip vreedzaam vaart;

  • handel drijft;

  • en door andere landen niet als vijand moet worden behandeld.

De brief moest de schipper dus helpen om veilig door oorlogsgebieden te varen.

 

Het einde

De oorlog eindigde in 1748 met de Vrede van Aken. Maria Theresia werd uiteindelijk erkend als heerseres over haar gebieden. Pruisen mocht Silezië houden, waardoor Pruisen sterker werd.